ZORGPLICHT – HET NIEUWE NEDERLANDSE TOVERWOORD
Drie miljoen voor onderzoek, Gambling Interpol en ergens ligt Bertha 26 zich schuldig te voelen
Ik begin me zorgen te maken.
Niet over mijn gokgedrag.
Over Nederland.
Want Nederland heeft weer een nieuw toverwoord gevonden.
Zorgplicht.
Als er tegenwoordig ergens iets misgaat, zoeken we niet eerst meer naar degene die het deed. Nee. We zoeken naar iemand anders die het had moeten voorkomen.
En gokken is momenteel hoofdleverancier.
Laat ik vooropstellen: gokverslaving is ernstig. Mensen kunnen er financieel en persoonlijk volledig aan onderdoor gaan. Gezinnen kunnen eraan kapotgaan. Daar hoef je geen grappen over te maken.
Maar misschien mogen we daarnaast nog één buitengewoon revolutionair begrip bespreken:
eigen verantwoordelijkheid.
Ik heb ooit een bekeuring gekregen voor te hard rijden.
Heel vervelend.
Maar ik heb Porsche nooit aangeklaagd.
Terwijl die Duitsers willens en wetens een auto hebben gebouwd die veel harder kan dan 100 kilometer per uur.
Sterker nog: sommige Porsches kunnen snelheden bereiken waarbij de gemiddelde flitspaal spontaan overspannen raakt.
Toch stond er bij mijn bekeuring nergens:
“Geachte heer Ten Voorde, Porsche heeft onvoldoende invulling gegeven aan haar zorgplicht.”
Nee.
Ik trapte zelf op het gas.
Een concept dat in Den Haag inmiddels bijna verdacht begint te worden.
Wie gooide die laatste knaak erin?
Hetzelfde bij gokken.
Wie stopte vroeger die laatste knaak in de gokkast?
De gokbaas?
Michel Groothuizen?
De burgemeester?
De bankdirecteur?
Of misschien – voorzichtig hoor – degene die vóór die kast stond?
Dat betekent niet dat een casino alles mag.
Natuurlijk niet.
Een aanbieder moet ingrijpen als iemand zichtbaar ontspoort. Minderjarigen horen er niet te spelen. Misleiding hoort niet. Regels zijn regels.
Maar ergens tussen “een aanbieder heeft verantwoordelijkheid” en “de speler heeft nergens meer verantwoordelijkheid voor” zijn we in Nederland een afslag kwijtgeraakt.
En op die afslag staat inmiddels een gigantisch bord:
ZORGPLICHT
Met daarachter waarschijnlijk een subsidieformulier.
Drie miljoen eurootjes
Deze week las ik namelijk dat er de komende vijf jaar intensief onderzoek wordt gedaan naar gokverslaving.
Beschikbaar bedrag:
€ 3.000.000.
Drie miljoen euro.
Een consortium van zorginstellingen, onderzoekers en ervaringsdeskundigen gaat onderzoeken hoe gokverslaving beter kan worden gediagnosticeerd en behandeld.
NK Expertisecentrum Verslaving meldt trots dat binnen twee onderzoeksprojecten ruim €1,1 miljoen aan onderzoeksfinanciering wordt ontvangen.
Prachtig.
En voordat iemand boos wordt: onderzoek kan nuttig zijn.
Maar drie miljoen euro is ook gewoon drie miljoen euro.
Daar mag je als belastingbetalende burger best even naar kijken zonder onmiddellijk als ongevoelige gokbaron te worden afgevoerd.
Want rondom verslaving is inmiddels een complete wereld ontstaan.
Onderzoekers.
Expertisecentra.
Adviseurs.
Ervaringsdeskundigen.
Conferenties.
Projectgroepen.
Preventieprogramma’s.
Rapporten.
En vervolgens onderzoeken naar de werking van de preventieprogramma’s.
Misschien daarna nog een onderzoek naar de vraag waarom het vorige onderzoek onvoldoende werd gelezen.
Ik wacht alleen nog op:
“Nationaal Kwartiermaker Onderzoeksprogramma Integrale Gokschadepreventieketen.”
Afkorting: NK-OIGPK.
Budget: €4,7 miljoen.
Looptijd: zeven jaar.
Conclusie in 2033:
Gokken kan risico’s hebben.
Bedankt.
Feite, hier ben ik het onverwacht met je eens
En dan komen we bij Feite Hofman.
Wie mijn columns leest weet dat Feite en ik niet automatisch samen polonaise lopen.
Feite vertelt al jaren over de gevaren van gokverslaving, is voorzitter van AGOG en komt regelmatig met zijn verhaal in de gokwereld.
Maar nu wordt het interessant.
Want Feite schreef zelf ooit over zijn eigen gokverleden, vrij vertaald:
het was niet de schuld van een ander; het was zijn verantwoordelijkheid.
Kijk.
Daar kunnen we wat mee.
Dat vind ik namelijk veel sterker dan het voortdurende verhaal dat rondom gokken langzaam ontstaat waarbij uiteindelijk iedereen verantwoordelijk lijkt behalve degene die daadwerkelijk op de knop drukte.
Feite weet uit eigen ervaring hoe verschrikkelijk verslaving kan worden.
Prima.
Vertel dat verhaal vooral.
Maar laten we dat ene woord dan ook niet wegpoetsen:
verantwoordelijkheid.
Anders krijgen we straks een Nederland waarin niemand meer iets doet.
Alles overkomt ons.
Bertha 26 wordt aangeklaagd
Ik ben bijvoorbeeld te dik.
Daar ben ik niet trots op.
En ik hou van chocolade.
Ook gevaarlijk.
Voor je het weet eet je één blokje en vijf minuten later ligt alleen de wikkel nog op tafel en kijk je verbaasd naar je vrouw alsof zij het gedaan heeft.
Maar wie is verantwoordelijk?
Ik?
Nee joh.
Bertha 26.
Mijn denkbeeldige lieve koe.
Bertha heeft namelijk melk geleverd.
Vette melk.
Daar is chocolade van gemaakt.
En Bertha had natuurlijk kunnen weten dat ik onvoldoende weerstand kon bieden aan een reep melkchocolade.
Bertha heeft dus ernstig tekortgeschoten in haar zorgplicht.
Ik verwacht binnenkort Kamervragen.
“Kan de minister aangeven hoeveel koeien actief monitoren of consumenten problematisch chocoladegedrag vertonen?”
En:
“Waarom heeft Bertha 26 niet tijdig een persoonlijk onderhoud met de heer Ten Voorde gevoerd?”
Voor je het weet krijgt zij van de Ksa een bindende aanwijzing.
Fatbikezorgplicht
Hetzelfde met fatbikes.
Je ziet kinderen met ongeveer zestig kilometer per uur door een winkelstraat scheuren.
Wie is er verantwoordelijk?
Het kind?
Hahahaha.
Wat ouderwets.
Nee.
De fabrikant.
De fietsenwinkel.
De ouders.
De gemeente.
De wethouder.
De batterijleverancier.
En vooral de stratenmaker.
Want die heeft het wegdek natuurlijk veel te strak aangelegd.
Dat nodigt uit.
Als daar gewoon iedere vijf meter een flinke kuil had gezeten was Kevin vanzelf 15 kilometer per uur gaan rijden.
Zorgplicht gemeente.
Zaak gesloten.
En toen kwam de Ksa met nóg een onderzoek
Maar nu wordt mijn week pas echt leuk.
Want vrijwel tegelijkertijd met die drie miljoen verschijnen er drie onderzoeken van de Kansspelautoriteit naar jongeren en gokken.
En wat schrijft de Ksa zelf?
In eerdere rapportages kwam naar voren dat sportweddenschappen vaak een opstap waren naar andere gokproducten.
Alle alarmlichten aan.
Sport.
Voetbal.
Reclame.
Sponsoring.
Rolmodellen.
Petjes.
Shirtjes.
Max Verstappen.
Formule 1.
De Ksa zette de toeters en bellen aan.
Maar nu?
Nu schrijft diezelfde Ksa:
“In dit onderzoek zien we dat niet terug.”
De meeste jongvolwassenen blijken in dit onderzoek te beginnen met casinospelen.
Pardon?
Nog een keer.
Jarenlang stond sportbetting ongeveer met een zwaailicht op het dak.
En nu verschijnt er nieuw onderzoek en zeggen we:
nou ja, jongens, in dit onderzoek zien we dat eigenlijk niet terug.
Dat vind ik dus interessant.
Niet omdat nieuw onderzoek verboden is.
Integendeel.
Wetenschap verandert door nieuwe gegevens.
Maar als een toezichthouder beleid, toezicht en prioriteiten mede baseert op onderzoek, dan mag de burger toch vragen:
Wat hebben jullie allemaal gedaan op basis van de vorige veronderstelling?
En hoeveel heeft dat gekost?
Special Forces Zandvoort
Ik moest onmiddellijk aan Zandvoort denken.
De Ksa meldde vorig jaar trots dat zij contact had opgenomen met de organisatie van de Formule 1 Dutch Grand Prix over kansspelreclame.
Teams mochten geen zichtbare gokreclame tonen die hier niet was toegestaan.
Prima.
Regels zijn regels.
Maar ik zie het tafereel voor me.
Ksa Special Forces Zandvoort.
Inspecteur 1:
“Chef, ik zie iets op een pet.”
Inspecteur 2, door verrekijker:
“Rustig. Eerst vaststellen of het een kansspeluiting is.”
Inspecteur 3:
“Daar loopt iemand in een strakke spijkerbroek.”
“Vergund?”
“Spijkerbroek wel. Drager wordt onderzocht.”
Ondertussen Max Verstappen met 300 kilometer per uur voorbij.
Niemand die hem aanspreekt op de zorgplicht van Porsche.
Ik roep natuurlijk maar wat.
Want ik weet niet hoeveel Ksa-medewerkers daadwerkelijk op Zandvoort rondliepen en ik weet evenmin wie daar kaartjes kreeg.
Daarom hebben we in Nederland zoiets moois als de Wet open overheid.
Dan kunnen we het vragen.
Wie ging waarheen?
Waarom?
Wat kostte het?
Wie betaalde de toegang?
Hotels?
Vliegtickets?
Congressen?
Onderzoeken?
Externe bureaus?
Daar heb ik vorige week toevallig maar eens een Woo-verzoek voor ingediend.
Niet omdat ik wantrouwend ben.
Ik ben gewoon besmet geraakt met de nieuwe Nederlandse ziekte:
onderzoek doen.
Vijftien jaar: vijf documenten
Mijn nieuwsgierigheid is ook ergens ontstaan.
Want als ik vraag naar vijftien jaar Cash Center-materiaal bij de Ksa, kan de oogst verbazingwekkend klein zijn.
Maar zodra het over onderzoek naar gokken, preventie en verslaving gaat, vliegen de onderzoeken, congressen en miljoenen je om de oren.
Misschien zoek ik verkeerd.
Ik had bij mijn Woo-verzoek waarschijnlijk moeten schrijven:
“Onderzoek naar de mogelijke verslavende werking van ontbrekende Cash Center-documenten.”
Dan stond er morgen drie miljoen klaar.
Michel richt ondertussen Interpol op
En alsof het allemaal nog niet genoeg is hebben we Michel Groothuizen.
Onze voorzitter van de Kansspelautoriteit.
Michel wil internationaal samenwerken tegen illegaal gokken.
Op zichzelf volkomen logisch.
Maar Michel heeft daar een naam voor bedacht waar ik de hele ochtend gelukkig van werd:
“Gambling Interpol.”
Gambling.
Interpol.
Ik zie Michel onmiddellijk voor me.
Donker pak.
Zonnebril.
Oortje.
Koffertje.
Op Schiphol.
“Groothuizen. Michel Groothuizen.”
Bestemming Brussel.
Of Malta.
Of Kopenhagen.
Of waar toevallig een congres wordt gehouden met voldoende hotelkamers en een ontbijtbuffet.
Missie:
Operation Roulette.
Doelwit:
een illegale affiliate op Curaçao.
Budget:
vertrouwelijk.
Boardingpass:
weggelakt wegens bescherming van de persoonlijke levenssfeer.
Maar misschien eerst Gambling Enschede?
Begrijp mij goed.
Internationale samenwerking tegen illegale gokbedrijven is verstandig.
Zeker nu uit cijfers blijkt hoeveel geld richting illegale aanbieders gaat.
Maar voordat we Interpol gaan spelen zou ik nog een bescheiden Twentse gedachte willen meegeven:
misschien eerst zorgen dat we precies weten waarop ons eigen Nederlandse toezicht is gebaseerd.
Welke onderzoeken?
Welke feiten?
Welke aannames?
Wie heeft ze gecontroleerd?
Wat kostten ze?
En wat gebeurt er wanneer een nieuw onderzoek opeens iets anders laat zien dan de eerdere rapportages?
Dat zijn geen anti-Ksa-vragen.
Dat zijn precies de vragen die je van een toezichthouder zelf zou verwachten.
Zorgplicht begint namelijk niet alleen bij de gokbaas
Dus ja.
Bescherm kwetsbare spelers.
Pak malafide gokbedrijven aan.
Hou minderjarigen weg van gokken.
Grijp in als iemand aantoonbaar de controle verliest.
Allemaal prima.
Maar laten we alsjeblieft niet een maatschappij bouwen waarin iedere verkeerde keuze automatisch de zorgplichtschending van iemand anders wordt.
De gokaanbieder heeft verantwoordelijkheid.
De toezichthouder heeft verantwoordelijkheid.
De overheid heeft verantwoordelijkheid.
De onderzoeker die publiek geld uitgeeft heeft verantwoordelijkheid.
De verslavingssector die subsidies ontvangt heeft verantwoordelijkheid om uit te leggen wat er met dat geld gebeurt.
En de speler heeft óók verantwoordelijkheid.
Dat laatste lijkt tegenwoordig bijna vloeken in de kerk.
Maar iemand drukte op die knop.
Iemand zette die weddenschap.
Iemand trapte het gaspedaal in.
En iemand at die hele reep chocolade op.
Dat was Bertha 26 niet.
Laat dat arme beest met rust.
Ze heeft al genoeg aan haar kop.
Straks krijgt ze ook nog een Woo-verzoek.