Kijk beste sukkels… zo pak je illegale gokaanbieders aan
Kijk beste sukkels in Nederland, zó pak je illegale gokaanbieders aan.
Niet met brieven. Niet met aanschrijvingen. Niet met “bestuursrechtelijke trajecten”, “voornemens tot handhaving” en boetes van bijna 60 miljoen eurootjes waarvan iedereen – inclusief de stagiair op de juridische afdeling – al vóóraf weet: dit gaat ‘m niet worden.
Nee.
In China doen ze niet aan toneel. Daar doen ze aan… actie.
Elf leden van een illegale gokbende uit Myanmar: opgeruimd staat netjes. Geen bezwaarprocedure, geen hoorzitting, geen “wij gaan dit zorgvuldig onderzoeken”. Gewoon: hangen. Klaar. Volgende.
En het mooie is:
In China kijken ze ook niet eerst of de bank “vriendjes” zijn.
Niet: the banks are my friends.
Niet: ja maar, systeemrisico.
Niet: ja maar, compliance heeft zijn best gedaan.
Nee hoor.
Geen bankvriendjes. Geen koffietjes. Geen LinkedIn-posts over “integriteit en transparantie”.
Gewoon touw.
En dan denk ik ineens: wat zijn wij in Nederland toch een aandoenlijk landje.
Wij sturen boetes rond alsof het uitnodigingen zijn voor een buurtbarbecue.
“Beste illegale gokaanbieder,
Hierbij ontvangt u een boete van 59.999.999 euro.
Wij weten dat u niet betaalt, u weet dat u niet betaalt,
maar het domme volk moet wel vermaakt worden.”
Applausje erbij. Persberichtje.
“De toezichthouder treedt streng op.”
Ja hoor. Streng. Met een ganzenveer.
Ik zie het al helemaal voor me.
Stel dat we het Chinese model zouden invoeren.
Gewoon eens proberen. Pilotje.
Bijvoorbeeld… op het Van Burenplein in Den Haag.
Je weet wel. Het hoofdkwartier. De plek waar ooit dat lied werd gezongen met die Nigeriaanse mattie:
We have to stand together.
Nog steeds op Spotify, geloof ik. Ironie is daar in bulk geleverd.
Zie je het al voor je?
Geen banners meer. Geen beleidsnota’s.
Maar galgen. Netjes opgebouwd.
Met bordjes erbij.
En terwijl ik dit zo opschrijf, slaat de twijfel toe.
Want ja… wat als ze mij straks ook zien als goksyndicaat?
Niet omdat het klopt — maar omdat onwaarheden nu eenmaal ook beleid kunnen worden.
Ik moet toevallig vandaag weer naar het Van Burenplein.
Wat als ik daar aankom…
en zie dat mijn naam al aan het bordes hangt?
En dan komt daar iemand van de Ksa…
met een nette strop.
Zakelijk. Beleefd.
“Het is niets persoonlijks hoor.”
Op het bordje staat:
“Henki van de Cash Center had tegen de Ksa een grote bek.”
“Dus doet de Ksa nu de strop om die dikke nek.”
Geen nuance.
Geen context.
Geen feitencheck.
Gewoon:
grote bek → dikke nek → einde oefening.
Ik denk ineens:
Misschien moet ik me vandaag maar afmelden voor die hoorzitting.
Gewoon uit voorzorg.
En stel je voor…
Wat zou Michel genieten als zulke machten hem toebedeeld werden.
Bij elke executie even oogcontact.
Die blik.
Die bankvriendenblik.
Misschien moet ik toch politiek asiel aanvragen.
Las Vegas.
Daar is gokken nog gewoon amusement.
Een spelletje.
Een drankje erbij.
In Nederland is het een misdaad.
Tenzij je de juiste vrienden hebt.
Maar goed.
Ik gok erop dat mijn reisje naar het Van Burenplein goed afloopt.
Tot de volgende column.
En anders…
vaarwel lieve mede-gokkers.