The banks are not the friends
Soms moet je niet boos worden.
Soms moet je gewoon gaan zitten, een kop koffie pakken en genieten van de voorstelling.
Deze week was het weer zover.
De Kansspelautoriteit houdt zich bezig met de informatieplicht voor online kansspelaanbieders. En jawel: daar duiken ze weer op. Betaalinstrumenten. Betaaldienstverleners. Banken. PSP’s.
Ik moest lachen.
Niet een klein glimlachje.
Nee, zo’n lach waarbij mijn vrouw Lena uiteindelijk zegt:
“Henk, jij ziet weer spoken.”
En misschien heeft ze gelijk. Lena is een wijze vrouw, mien wief.
Maar toch.
Ik roep inmiddels al jaren:
“The banks are not the friends.”
Of, voor de liefhebber van correct Engels: the banks are not your friends.
Want wie denkt dat je de wereld van online kansspelen kunt begrijpen zonder te kijken naar de geldstromen, banken en betaaldienstverleners, mist volgens mij een behoorlijk belangrijk stukje van de puzzel.
En wat zien we anno 2026?
De Kansspelautoriteit schrijft zelf dat vergunninghouders wijzigingen in hun betaalinstrumenten en betaaldienstverleners moeten melden. De toezichthouder heeft er formulieren voor, beleidsregels voor en aparte eisen rond betalingstransacties.
Kijk.
Dan begint bij mij het lachen alweer.
Want betaaldienstverleners zijn blijkbaar toch niet zomaar een oninteressant technisch tussenstation waar geld toevallig doorheen loopt.
Ze zijn belangrijk genoeg om te registreren.
Belangrijk genoeg om wijzigingen te melden.
Belangrijk genoeg om regels over te maken.
En belangrijk genoeg om in 2026 uitgebreid aandacht aan te besteden.
Prima.
Welkom bij de voorstelling.
Ik zit al een tijdje in de zaal.
Het grappigste moet misschien nog komen.
Aanstaande vrijdag heb ik namelijk een bezoekje aan de Kansspelautoriteit op het programma staan.
Een uitnodiging.
Een gesprek.
En na deze week zie ik mijn e-mail van vrijdagochtend al helemaal voor mij:
Geachte heer/mevrouw,
wegens plotseling ontstane ernstige buikklachten, vermoedelijk veroorzaakt door langdurig en ongecontroleerd lachen, ben ik helaas verhinderd.
In Twente noemen wij het ziektebeeld overigens gewoon: buikpijn met dunne stront.
Maar nee.
Ik zal proberen mij te gedragen.
Ik ga gewoon.
Want misschien hoor ik vrijdag eindelijk waarom onderwerpen als banken, betalingsverkeer en betaaldienstverleners tegenwoordig kennelijk zo interessant zijn.
Ik neem in ieder geval één gedachte mee die ik al een paar jaar probeer uit te leggen:
Follow the money.
Of, op z’n Twents:
Kiek gewoon woar ’t geld hen geet.
Wordt vervolgd.
Waarschijnlijk vrijdag.
Als mijn buik het houdt.